Het eerste weekend van maart is vaak het sein om het Vlaamse wielerseizoen van start te schieten met het tweeluik De Omloop het Nieuwsblad en Kuurne-Brussel-Kuurne. En net als de echte, klassieke wielrenners trekken dan ook de “play-back” coureurs zich als vanouds op gang. Net als in het profpeloton, regende het ook bij de WTC vooraf annulaties ingevolge snot-,keel- en longperikelen. In onze kleine club hebben we echter niet de luxe om iedere afwezige te vervangen zoals ze bij de profploegen doen. We vreesden dus voor een magere opkomst deze eerste zondag van maart.
Naast de vele afzeggingen, was er ons ook nog ander slecht nieuws ter ore gekomen. Onze nieuwe uitrusting die wij bestelden bij Vermarc, kon niet tijdig geleverd worden zodat wij bij de start niet in onze prachtige jubileum uitrusting zouden kunnen pronken. Maar geen nood, de levering zou halverwege maart een feit moeten zijn. En onze fluopakjes mogen ook nog gezien worden en onder een fris lentezonnetje doken toch 16 gezonde leden op. Althans, Dirk was er wel maar deelde onmiddellijk mee dat hij zich ook niet opperbest voelde en dat hij voor de korte etappe ging kiezen, samen met Els, Yentl en André.
Bij de A-rijders diende zich ook een gastrijder aan die wel in overweging wilde nemen om zich aan te sluiten bij onze kleine, gezellige club. Mocht hij zijn handtekening onder een vet contract zetten, heten wij Thierry van harte welkom. Na een groepsfoto voor de vakkundige lenzen van Jo en daaropvolgend ook van Bill weerklonken de startschoten over Meldert-Dorp. Met wat geluk is één van de verdwaalde kogels in het gat van de Meldertse seriedief terechtgekomen en kan hij de eerste maanden niet met zijn wellicht dikken derrière op het zadel van een gepikte vélo zitten. Wij wensen hem dan ook de ene na de andere fistel toe zodat hij ondraaglijke pijnen lijdt vanaf hij ook maar enigszins aan een fietszadel denkt.
Net als bij de profs op het eerste klassieke weekend, was ook binnen onze liefhebberrangen de sfeer nerveus. Niemand wil uiteraard afgaan als een gieter op de eerste rit en uit het wiel gekletst worden. Maar de meesten onder ons hadden de wintermaanden overbrugd met gravelritten, spinningsessies en Zwift-performances. Yves was op hoogtestage geweest naar Aalst Carnaval en zat voor de rest zo scherp als een vacuüm verpakte “fillet pur”. Hij had enkel de kilometers nog niet in de benen, en op het einde voelde hij de krachten uit zijn benen wegvloeien. Een beetje peptalk, de goeie zorgen van de President en de Scalle, en hij haalde, zij het met wat moeite, de eindstreep. Maar zover zaten we uiteraard nog niet, we waren nog maar net vertrokken en ik begin hier al over het einde te leuteren.
Traditioneel is de proloog van ons seizoen een vlakke rit die ons deze keer naar de Zeelse polders naast de E17 bracht. De heenweg was een pleziertochtje want de wind blies krachtig in de rug. Eens de kaap van de autosnelweg gerond was het echter andere Zeelse koek, een stevige bries vol op de freter en hier en daar ontsnapte al een protje van tussen het broekzeemleer. Maar geen nood, Bill en Peter, zetten zich samen op kop en zetten de rest kilometerslang uit de wind, allez vooral Bill dan, want Peter staat zodanig scherp dat de wind er losdoor waait. Jos probeerde het tempo de hoogte in te jagen door zoals vanouds een honderdtal meter voor ons kleine peloton uit te rijden. Uiteraard trapte niemand nog in zijn val en bleef de rest schoon het opgelegde tempo aanhouden zodat Jos de nutteloosheid van zijn poging inzag en zich weer liet opslokken door de gapende muil van de groep. En gapen werd er gedaan, zo een saaie rit! Neen, alle gekheid op een stokje, parcoursbouwer Jo had voor een knappe eersteling gezorgd.
Dat het een druk weekend op de weg was, bleek eens te meer op de terugweg in de Blijstraat in Denderbelle waar een drietal old-timer fanatici volledig negeerden dat ze in een fietsstraat reden, ons inhaalden in een bocht waarbij de laatste blikken pot bijna frontaal een kruisende fietser aanreed. Daar had ik mijn hand niet willen tussen steken. Een geluk dat de bestuurder aan Klein Brabant onmiddellijk kon afslaan want had hij even moeten halthouden, en wij hem hadden ingehaald, hij zou wis en zeker uit zijn cabrio gesleurd geweest zijn, en overhandigd aan de motard van de Lebbeekse flikken die zichzelf al aan het opladen was voor Wieze Carnaval.
Eens in Baardegem bleek er ook nog eens een grote wandeling op de terreinen van de Vlugge Jongeren aan de gang, met als gevolg een nooit gezien verkeersinfarct in dit Faluintjesdorp. Gelukkig werd er in Meldert wel aan ons gedacht en stonden er overal borden, verboden te parkeren, seingevers en wijkagenten om onze aankomst in goede banen te leiden. Dat de koers “Brussel-Opwijk” zes keer zou passeren had er misschien ook iets mee te maken.
Bij aankomst spoedde Jo zich rap naar huis om een lading diepgevroren frituurhapjes, of waren het gefrituurde diepvrieshapjes, op te halen? In ieder geval is de President niet alleen een begenadigd DJ, hij kan ook met de friteuse overweg. En na een tiental minuten serveerde hij hete hapjes uit zijn koershelm. Ons misschien nieuw lid, Thierry keek zijn ogen nogal uit bij zijn debuut. Hopelijk stimuleert zo veel gezelligheid hem nog meer om zijn handtekening op de lidkaart te zetten.
De spits is eraf, de kogel is door de kerk, en hopelijk hebben we dikwijls mooi weer op zondagochtend dat we geen ritten moeten afgelasten. Ook mijn “typmasjien” is weer vanonder het stof gehaald en de kodak werd tijdens de rit al meermaals in de aanslag gebracht. Tot volgende week en “verzichtig op de baun é”!
El Churto
